2e generatie oorlogsgetroffenen

Kinderen van oorlogsgetroffenen
De term tweede generatieproblematiek is niet algemeen bekend. We spreken hier over mensen wiens ouder(s) een oorlog hebben meegemaakt. Meestal wordt hierbij verwezen naar de Tweede We­reld­oor­log, maar dit heeft ook betrekking op recentere verschrikkingen die veel –ouders van- asiel­zoekers hebben ondergaan. Zij hebben dusdanig vreselijke ervaringen meegemaakt, waardoor zij blijvend zijn getraumatiseerd. Meestal betreft het hier martelingen of een verblijf in een con­cen­tra­tie­kamp, maar ook bijvoorbeeld het verzet, onderduiken of verlies van een partner in de oorlog. Een heel speciale groep “kinderen van” wordt gevormd door kinderen van "foute" ouders.

Door de jaren heen is de problematiek van de getraumatiseerde ouders zelf, veelvuldig in de aandacht geweest van de media. Ook zijn er verschillende organisaties die zorg dragen voor deze ernstig ge­trof­fen­en, zoals bijvoorbeeld de Stichting Centrum '45.

Kinderen die opgroeien bij ouders waarvan één of beide ernstig zijn getraumatiseerd, worden hierdoor vaak zwaar belast. Het probleem hierbij is dat zij hiervan weinig tot niets laten zien. Tijdens het op­groei­en hebben zij vaak aangeleerd hun eigen zorgen en problemen naar achteren te schuiven. Daarbij hebben zij meestal hun eigen problemen niet opgelost. Deze kunnen op allerlei, vaak on­der­huid­se manieren, naar boven komen. Zo kunnen ze in hun werk opspelen, ten nadele van hun carrière.